
Han Yunpeng, Han Zhaojian en Mao Zhongyu zijn bouwvakkers. Ze hebben hun onderkomen in een prefab-behuizing van metaal, zoals je die overal in Peking ziet met hun witte muren en blauwe kozijnen. De behuizing staat op het kruispunt van Jiu Xianqiao. Werkers op de bouwplaats komen uit diverse provincies in China. Echter, alle kamergenoten in hun slaapzaaltje komen uit hetzelfde dorp in Jining, een gebied in de Shandong provincie. Het dorp telt ongeveer 1.300 inwoners, waarvan twee derde de familienaam “Han” draagt. Han Yunpeng, Han Zhaojian en Mao Zhongyu vertellen dat ze, ook voordat ze naar Peking kwamen, al goede vrienden waren.
De werkers in dit project (voor een nieuwe metrolijn) hebben één week dagdienst, gevolgd door één week nachtdienst. Ze krijgen betaald aan het einde van het project als de bouw is afgerond. De hoogte van de betaling hangt dan af van het aantal uren dat ze gewerkt hebben. Hoe meer uren, hoe meer geld. Het is om die reden dat ze bijna nooit om verlof vragen. Meestal werken ze zeven dagen per week en gaan ze niet terug naar hun familie, behalve tijdens Chinees Nieuwjaar en tijdens het oogstseizoen. Gemiddeld kunnen ze rond de 3.000 RMB per maand verdienen. Omdat ze geen huur en niet voor eten hoeven te betalen, besteden ze erg weinig geld op een dag.
Wanneer we ze vragen wat ze van plan zijn te doen met al het geld dat ze sparen, is het antwoord dat dit geld bestemd is voor de opleiding van hun kinderen en dat er ook geld opzij gelegd wordt voor de toekomstige bruiloften van hun kinderen.
Ieder van hen heeft een zoon. De zoon van Han Yunpeng is inmiddels een twintiger en studeert medicijnen aan een school in Jining. Het schoolgeld is 600 RMB per maand. Daarnaast stuurt Han Yunpeng zijn zoon 1.000 RMB per maand voor levensonderhoud. “Hij heeft een gezonde voeding nodig”.
Han Zhaojian zegt dat van de mensen uit hun dorp er tegenwoordig meer in de grote stad werken dan er op het land werken. Meestal zorgen nu de vrouwen voor de gewassen op het land.
Het feit dat ze onder één dak leven heeft ze alleen maar dichter tot elkaar gebracht. In hun vrije tijd, zegt Mao Zhongyu, lezen ze kranten en tijdschriften en gaan ze uit voor een wandeling op straat. Soms gaan ze winkelen om cadeaus voor de familie te kopen. De prijzen zijn betaalbaar.
Gevraagd naar hoe ze het leven in Peking ervaren, geven ze alle drie aan erg tevreden te zijn. De werkomstandigheden zijn goed omdat ze op een project van de overheid zitten. Het eten is goed en aan het eind van het jaar krijgen ze drank (BaiJiu) en fruit. De kamer wordt verwarmd door een airconditioner en ze kunnen hun familie bellen wanneer ze maar willen.
