
Het echtpaar, meneer Wang Longsheng en mevrouw Li Yanhong, komt uit de provincie Shaanxi. Ze werken voor de overheid en hun werk bestaat uit het schoonmaken van straten in de wijk Lidu.
De werkuren zijn van 6 uur ‘s ochtends tot 5 uur ‘s middags, zeven dagen per week. Hun gezamenlijke inkomen per maand is 3.000 RMB. Ze wonen in een huis dat door de overheid ter beschikking wordt gesteld en waar een groot erf bijhoort waar ze het verzamelde afval kunnen sorteren en opslaan. Omdat ze geen huur hoeven te betalen kunnen ze een aardig bedrag per maand sparen. Voor hun levensonderhoud hebben ze 300 RMB per maand per persoon nodig.
Het lijkt er op dat meneer Wang en mevrouw Li het erg goed met elkaar kunnen vinden. Wanneer we vragen wat het geheim is van een gelukkig huwelijk, vertelt meneer Wang dat ze, in de 19 jaar dat ze samen zijn, nog geen één keer ruzie hebben gehad. Wanneer er een verschil van mening is dan proberen ze zich in de positie van de ander te verplaatsen en te begrijpen waarom de ander zo verschillend denkt of voelt.
Meneer Wang nodigt ons uit in zijn huis. De familie leeft in een rustige hutong. Het huis is ruim en heeft een goede verwarming in de winter. Aan de voorkant van het huis stroomt een rivier en tussen de rivier en het huis ligt een park.
Zoals veel huizen in hutongs, is er geen badkamer. Ze moeten het openbare toilet in de wijk gebruiken en voor een douche gaan ze naar een badhuis. Doorgaans betalen ze 20 RMB voor een douche in plaats van de reguliere 10 RMB. Voor 20 RMB krijg je een privéruimte voor twee personen (voor twee mannen of twee vrouwen; gemengde ruimtes voor mannen en vrouwen kom je in Chinese badhuizen niet tegen).
Hun 18 jaar oude zoon woont samen met hen. Hij heeft zijn middelbare school in hun geboorteplaats in Shaanxi afgemaakt en is daarna naar Peking gekomen voor werk. Soms heeft hij een part-time baan, maar op het moment is hij werkloos. Hij besteedt de meeste tijd aan chatten en het spelen van games op Internet. Soms doet hij “sit-ups” om zijn conditie op peil te houden.
Zijn haar heeft hij oranje geverfd. Volgens hem is dit erg “in” bij zijn leeftijdsgenoten.
Op de middelbare school zat hij in een klas van 60 tot 70 leerlingen. Bijna al zijn klasgenoten zijn naar grote steden gegaan of zijn van plan om dit te doen. Behalve de leerlingen die de hoogste cijfers hadden; die zijn naar de universiteit gegaan.

Wanneer we meneer Wang bezoeken, ontmoeten we zijn moeder en schoonmoeder. Ze zijn een paar weken op bezoek in Peking. Hun echtgenoten zijn thuis gebleven om voor het land, waarop ze maïs verbouwen, te zorgen.
Volgens meneer Wang vinden ze het allemaal prettig om in Peking te wonen. Gevraagd wat hij het meeste mist, is zijn antwoord (zoals we al vaak hoorden van mensen die uit Shaanxi komen) de Yangrou Paomo, een beroemd gerecht met pitabrood gedrenkt in soep van lamsvlees.






