Nanjing, Meneer Qian Xuejian

 

 

Meneer Qian Xuejian is verantwoordelijk voor de catering in een ontspanningscentrum in Nanjing, de “Smile Culture Club”. De club is onderdeel van een entertainmentbedrijf in Peking genaamd “Smile”. Volgens meneer Qian heeft “Peking Smile”, opgericht in 1992, een goede reputatie gevestigd in de Chinese entertainmentindustrie. Het bedrijf is bekend voor de organisatie van het jaarlijkse kreeftfestival en allerlei soorten carnavalsfestiviteiten. De goede naam is ook te danken aan het feit dat het bedrijf er altijd in slaagt beroemde sterren uit te nodigen voor door haar georganiseerde evenementen.

 

De club in Nanjing organiseert niet alleen evenementen, ze verzorgt ook de catering voor artiesten die naar Nanjing komen voor optredens. Om meer geld te kunnen verdienen is de club tegenwoordig open voor iedereen. De gemiddelde besteding per klant ligt tussen de 40 RMB en 100 RMB.

 

Meneer Qian vraagt ons zijn leeftijd te raden. “De meeste mensen die gevraagd worden mijn leeftijd te raden denken dat ik een veertiger ben. Echter ik ben al 59 jaar oud en ga volgende jaar met pensioen”. Hij lacht en zegt dat hij trots is op zijn jonge voorkomen.

 

Meneer Qian heeft in zijn leven drie totaal verschillende banen gehad. Als 18-jarige ging hij in het leger en werd soldaat. Eenentwintig jaar lang bleef hij in het leger en hij werd bevorderd tot luitenant. Als kaderlid van de Communistische Partij moest hij, als gevolg van een regeling om corruptie te voorkomen van kaderleden die te lang op één plek zitten, om de zoveel jaar van baan of locatie veranderen.

 

De veelvuldige veranderingen in werkzaamheden en locaties bevielen hem niet en toen hij bijna veertig was besloot hij het leger te verlaten. Hij begon te werken als opzichter in de scheepvaart. Zijn voornaamste taak was ervoor te zorgen dat de bemanning zich aan de wet en regelgeving hield, met een speciale focus op bemanning die werd verdacht van het onthullen van staats- en bedrijfsgeheimen. Meneer Qian was verantwoordelijk voor het vinden van onrechtmatigheden en het opleggen van disciplinaire acties. Het verschepen van ijzererts, staal en andere materialen bracht hem naar de kusten van Australië, Korea, Rusland, Taiwan en vele andere verafgelegen plaatsen. Hij vond dit zijn mooiste baan. Hij deed waar velen tegenwoordig van dromen: de wereld rondreizen.

 

Tien jaar later begon meneer Qian zijn derde carrière; als manager van een driesterrenhotel in Sanya, Hainan. Ook een mooie baan vond hij. Het stelde hem in staat in contact te komen met mensen uit alle delen van de wereld, hen te helpen bij het oplossen van problemen en te proberen hen de best mogelijke service aan te bieden.

 

Op dit moment helpt meneer Qian een familielid als catering manager in de Smile Culture Club. Volgend jaar, wanneer hij met pensioen gaat, hoopt hij weer de wereld te gaan rondreizen. Zijn pensioen, naar eigen verwachting tussen de 4000 en 6000 RMB per maand, zou hem daartoe in staat stellen.

 

Hij laat ons foto’s zien van zijn kleindochter. Hij fotografeert graag en stelt voor via QQ, een Chinese online-berichtendienst, foto’s uit te wisselen. Hij vertelt dat hij een poëtische naam voor zijn QQ-id heeft gekozen: zeeman varend op de mistige oceaan …

 


Peking, Recycling

 

Meneer en mevrouw Cheng runnen een recycling-bedrijfje in de wijk “Jiu Xianqiao nummer 6″. Je vindt dit soort bedrijfjes in iedere buurt. Ze verzamelen en sorteren afval, zoals plastic en papier, en verkopen het aan een recycling-station. Ze betalen de mensen die het afval brengen en verkopen het vervolgens met een kleine marge. Voor papier, vertelt meneer Cheng, betalen ze 0,7 RMB per kilo en hij verkoopt het met een marge van 0,1 RMB voor 0,8 RMB. Hij verkoopt dagelijks minstens één vrachtwagen vol met afval. Per maand verdienen hij en zijn vrouw minimaal 8,000 RMB.

 

Meneer Cheng zit al 10 jaar in de recycling en is behoorlijk tevreden met zijn werk. Hij is eigen baas en zijn werkuren zijn flexibel. Hij vertelt dat hij met dit werk meer verdient dat mensen die een gewone baan hebben. Hij denkt er zelfs over om in de toekomst een deel van zijn spaargeld te gebruiken voor een vakantie met zijn familie naar Europa.

 

Meneer Cheng woont met zijn vrouw en acht maanden oude dochter in een één-verdiepingswoning naast de plek waar hij het afval inzamelt. Van oorsprong komt de familie uit de Henan provincie. Tegenwoordig leven meneer Cheng’s ouders ook in Peking, vlakbij Jianguomen. Eens per jaar keert de familie terug naar hun geboorteplaats voor het Qingming festival (Tomb Sweeping Day).

 

Meneer Cheng vindt dat het beleid van de Chinese overheid behoorlijk goed is; anders zou hij niet in staat geweest zijn zich in Peking te vestigen en zo’n goed leven te hebben. Hij zegt dat de meeste mensen in Peking uit andere provincies komen en dat, dankzij het goede beleid, mensen vrij zijn om te gaan en staan waar ze willen.

 

 

 

Peking, Mega Mega Vintage

 

Liu Ke is de eigenaar van de winkel M&M Vintage (Mega Mega Vintage) aan de oostelijke Gulou straat. Hij verkoopt vintage-kleding. Voorheen speelde Liu Ke in de rockband Linga. Toen hij voor de band speelde leerde hij, via contacten, over de vintage-cultuur en hij raakte er vanaf de eerste kennismaking verslaafd aan.

 

Liu Ke openende de allereerste vintage-winkel in Peking samen met een vriend. Na een tijdje concludeerden ze dat hun ideeën m.b.t. het bedrijf te verschillend waren en Liu Ke opende zijn eigen winkel. Volgens Liu Ke zijn er zes vintage-winkels in Peking, waarvan vier in dezelfde straat. M&M is de tweede vintage-winkel in de stad. Liu Ke beweert dat hij de zaak alleen maar runt vanwege zijn interesse en dat het hem niet uitmaakt of er winst gemaakt wordt.

 

De waren die te koop staan bij M&M zijn voor het grootste deel geïmporteerd uit Amerika, Frankrijk en Japan. Er is in China ook origineel Chinese vintage te vinden, maar Liu Ke is er niet in geïnteresseerd. Het maakt niet uit wat voor een materiaal of ontwerp, hij vind er niets speciaals aan. Buitenlandse vintage daarentegen heeft vaak een speciale”spirit”. Bijvoorbeeld de werkkleding van de jaren 20 tot 40 van de vorige eeuw. Die kleding getuigt van respect voor de arbeiders die de wereld met hun blote handen hebben opgebouwd.

 

Klanten die naar de winkel komen zijn allemaal geïnteresseerd in de vintage-cultuur. Veel van hen werken in de kunst of in de creatieve industrie; zoals acteurs en actrices, art directors en mensen die in de media werken. Wat deze klanten gemeen hebben is dat ze in het buitenland hebben gestudeerd en de vintage-cultuur daar hebben leren kennen. Ze begrijpen hoe waardevol de waren zijn. Voor Chinezen die niet met een buitenlandse cultuur hebben kennisgemaakt is het moeilijker te begrijpen. In China is het niet gebruikelijk om tweedehands kleding te kopen of verkopen.

 

Toen Liu Ke met zijn winkel begon kreeg hij veel advies van een Amerikaanse vriend in Hong Kong. Tegenwoordig heeft hij contact met vele eigenaren van vintage-winkels over de hele wereld. Hij bezoekt deze winkels regelmatig wanneer hij aan het reizen is. Het is tijdens diezelfde reizen dat Liu Ke vintage goederen aankoopt voor zijn collectie.

 

Liu Ke komt veel kleding tegen van de jaren 80 en daarna die in China. is gemaakt. De kwaliteit is niet erg goed. Hij zal dit soort kleding niet in zijn collectie opnemen, tenzij het ontwerp heel erg speciaal is.  Voor korte termijn leveringen vertrouwt Liu Ke op een vriend in Amerika. Ze maken gebruik van een goed bedrijf in logistiek, vlak bij de luchthaven. De kosten zijn hoog, maar ze zijn daardoor wel in staat om goederen binnen drie of vier dagen geleverd te krijgen.

 

Het is het verhaal dat bij de kleren hoort waar Liu Ke het meest in geïnteresseerd is. Soms vindt hij sporen van vorige eigenaren in de zakken van de kleding; zoals labels van een wasserij, kassabonnen, munten of papiergeld.

Hij vindt deze sporen “cool”. Liu Ke’s favoriete vintage-thema is “cowboy”, terwijl zijn favoriete merk SCHOTT NYC is.

 

Er hangt een handgemaakte (Amerikaans-) Indiaanse tas in Liu Ke´s winkel. Het is één van zijn meest geliefde objecten. Volgens hem is het patroon op de voorkant een operationele oorlogskaart. Er staan afbeeldingen van Apaches bovenop de tas en één van hen is het stamhoofd “Ogra”, ook genoemd “Rode Wolk”. Het kostte drie maanden om de tas te maken.

 

Een andere geliefd object voor hem is een leren jas van de US Air Force. Hij vond het in Japan. Het is gemaakt van het leer van wilde paarden. Liu Ke vertelt dat de jas niet door normale piloten mocht worden gedragen. Alleen piloten die meer dan 5 vijandige toestellen hadden neergeschoten hadden hier recht op.

 

 

 

 

 

 

 

 

Peking, Inkoop en verkoop van 2de hands wijn

“Recycle wijn met hoge prijs”

“Inzameling van alle soorten oude wijn”

 

Deze handelaar koopt en verkoopt 2de hands wijn. Wanneer Chinezen het woord “wijn” gebruiken, wordt meestal een gedestilleerde alcohol genaamd “BaiJiu” bedoeld. ErGuoTou en MaoTai zijn de meest bekende soorten. De meeste BaiJiu is gemaakt van sorgo, een soort gras.

 

Een fles BaiJiu wordt vaak gekocht om als geschenk te geven. Prijzen van flessen die populair zijn als geschenk, vooral de bekende merken MaoTai, zijn hoog: gemiddeld zo’n 750 RMB per fles.

Met zulke hoge prijzen voor flessen die vooral als geschenk dienen, is het creëren van een tweedehandsmarkt een slim idee …

 

 

 

Peking, Hotel naast het Military General Hospital van de Beijing PLA

 

Er zijn altijd goedkope hotels te vinden rond de ziekenhuizen in Peking. Patiënten komen uit het hele land naar Peking toe voor een behandeling. Het is niet ongebruikelijk dat een patiënt eerst een paar dagen moet wachten voordat een bed beschikbaar is. Vaak worden ze begeleid door familieleden die voor hen zorgen door ze eten te brengen en ze te begeleiden bij afspraken met dokters.

 

In Cangnan Hutong, in de buurt van Dongsishitiao, vinden we een hotel naast het Military General Hospital van de Beijing PLA (People’s Liberation Army). De ingang van het hotel is aan de straat tegenover het ziekenhuis; de hotelkamers zijn in de benedenverdieping onder de begane grond.

 

Volgens de mensen die in het hotel werken zijn de meeste gasten bezoekers van het ziekenhuis die patiënten begeleiden; ze komen uit alle delen van China. De meeste gasten in het hotel zijn arm; sommige van hen zijn boeren. Het hotel is bijna altijd volgeboekt.  De gemiddelde prijs in het hotel is tussen de 40 en 50 RMB per bed per nacht.

 

 

 

Peking, Het JinLin badhuis

 

Jin Jun werkt in een kruidernierswinkel in de wijk LaiGuangYing en Si JiaGui werkt in het badhuis naast de winkel. De twee zaken, samen met een winkel voor golfbenodigdheden, zijn van dezelfde eigenaar.

 

Het JinLin badhuis opende zo’n 9 jaar geleden. De zaken gaat niet zo goed meer omdat veel woningen en appartementen zijn gesloopt in de afgelopen jaren. Slechts een beperkt aantal klanten is in de wijk gebleven, maar ook die zullen binnenkort ergens anders naartoe moeten verhuizen.

 

 

Jin Jun leeft al ruim 10 jaar in de wijk. Hij heeft geen idee waar hij naar toe zal gaan als het badhuis en de winkels worden gesloopt.

 

Overdag zijn er geen klanten meer. ’s Avonds ontvangen ze nog tussen de 20 en 30 klanten. Het kost 10 RMB om een bad te nemen of te douchen.

 

Het badhuis heeft een ruimte voor mannen en een ruimte voor vrouwen. In het midden van mannenruimte ligt een groot bad. Er zijn douches, een badkuip, twee tafels voor het (laten) schuren van je rug en een sauna. In de ruimte voor de vrouwen is geen groot bad en ook geen badkuip.

Een toilet is niet aanwezig in het badhuis. Als klanten naar de WC willen, moeten ze naar buiten om het openbare toilet te gebruiken.

 

Si JiaGui komt uit Anhui en woont sinds vier jaar in Peking.  Hij zegt dat, toen de zaken nog goed gingen, ze meer dan honderd klanten per dag hadden.

 

In het badhuis werden vroeger ook voetbehandelingen en massage aangeboden, maar nu worden deze diensten niet meer geleverd.

 

 

 

 

Peking, Training voor gastheer of gastvrouw tijdens een bruiloft

Geluidsopname van stemoefeningen tijdens de training:

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

 

Chen Feng werkt als trainer voor het bedrijf XingFuYaoLan. Ze traint haar studenten hoe ze als (professionele) gastheer of gastvrouw tijdens bruiloften moeten optreden. Daarnaast leert ze haar studenten ook hoe ze een trouwerij moeten plannen.

 

Ze verteld dat ze in 2000 is afgestudeerd. Tijdens haar studietijd was ze een uitstekende zangeres en trad ze ook op als gastvrouw.  Na haar afstuderen zette ze haar werk voort als gastvrouw op bruiloften. Vier jaar geleden werd ze trainer en bruiloftenplanner.

 

Naast de training (van toekomstige concurrenten), verzorgd haar bedrijf alles wat bij een bruiloft komt kijken. De fotografie en de video-opnames, inclusief de make-up en de aankleding van de omgeving; de organisatie van het huwelijksfeest, inclusief de rol van gastheer of gastvrouw; en de bloemen die erg belangrijk zijn. Recent had ze een klant die erg van olifanten hield. Toen regelde ze een grote olifant die van bloemen was gemaakt.

 

Tegenwoordig worden bruiloften in China in gemixte stijl georganiseerd. Zowel Westerse elementen als Chinese elementen spelen een rol. Minder dan 10% van haar klanten wil nog een traditionele Chinese bruiloft, waarvan de kosten overigens veel lager zijn.

 

Normaal plannen ze een bruiloft naar de wensen van de klant, maar de bruiloftsplanner zal  in overweging nemen wat op dat moment erg populair is en, uiteraard, wat het budget van de klant is.   Voor de grootste bruiloften brengen ze ongeveer 100.000 RMB in rekening, terwijl dit voor de gemiddelde bruiloft tussen de 10.000 en 20.000 RMB is. Als bruiloftsplanner krijg je een klein basissalaris en daarbovenop de commissie voor ieder bruiloftsproject. Een project kan wel een half jaar duren, dus planners hebben verschillende projecten die tegelijkertijd lopen.

 

Als trainer leert Chen Feng haar leerlingen hoe ze gastheer of gastvrouw moeten worden. De training duurt een halve maand. 80% van haar studenten komt uit andere provincies. Ze willen leren wat de nieuwste trends zijn in het organiseren van bruiloften en komen naar Peking omdat het leven daar moderner is dan in provinciesteden. Niet alle studenten willen gastvrouw of gastheer worden. Zo heeft ze bijvoorbeeld nu een student die zijn vaardigheden als verkoper wil verbeteren. Hij wil leren hoe hij zijn stem beter kan gebruiken, zijn uitspraak kan verbeteren, hoe hij een verhaal moet vertellen of mededelingen moet doen en hoe hij zijn lichaamstaal kan verbeteren.

 

Om up-to-date te blijven leest Chen Feng veel. Niet alleen over hedendaagse ontwikkelingen, maar ook over de oude Chinese beschaving. De interactie met haar studenten helpt haar in haar ontwikkeling en in het herkennen van nieuwe trends.

 

 

 

 

 

 

 

 

Peking, Bakolie

 

 

Disclaimer: de foto’s in deze bijdragen laten het schoonmaken van een plek voor de produktie van bakolie zien en deze plek is niet noodzakelijkerwijs te relateren aan de praktijken die in deze bijdrage worden beschreven.

 

“Olie van de goot” noemen de Chinezen het wel.  “Spoelwater olie” is een andere term.

Het hergebruik van bakolie was (en de veiligheid van voedsel is dat nog steeds) een  jaar geleden een “hot topic”. Bakolie kan worden onderverdeeld in drie typen:

 

Allereerst, in zijn meest enge definitie, is er de olie die wordt verkregen uit de overblijfselen in restaurants en hotels, inclusief datgene dat kan worden geëxtraheerd uit spoelwater en restanten op de keukenvloer. Het kan zelfs olie bevatten die aan het riool wordt onttrokken.   De tweede soort is de olie die gemaakt wordt van dierlijk vet, voornamelijk varkensvet. Als derde type wordt onderscheiden de olie die gebruikt wordt voor het frituren en bakken van voedsel.

 

Diverse schandalen die gerelateerd waren aan slechte kwaliteit olie en vervuilde olie, hebben de gemoederen de laatste jaren bezig gehouden. Daarnaast is nu ook bekend dat olie die te vaak is gebruikt of hergebruikt op termijn kanker veroorzaakt. In juli 2010 kwam de mededeling van de overheid dat ze de zwarte markt in illegale bakolie zouden aanpakken en dat er tegelijkertijd meer geïnvesteerd ging worden in de recycling van bakolie voor andere (industriële) doeleinden.

 

Behoudens het gebruik van bakolie thuis, begint de typische levenscyclus van bakolie in restaurants. In restaurants van het hogere segment wordt de olie niet te lang gebruikt. Voor deze gebruikte olie is er een markt: de olie wordt ingezameld, bewerkt en weer doorverkocht aan restaurants in lagere segmenten. Hetzelfde geldt voor kantines in fabrieken en scholen.

Als veronsteld wordt dat de bakolie niet meer geschikt is voor menselijke consumptie dan wordt de olie gebruikt in de verwerking van veevoer. Andere toepassingen van deze olie zijn te vinden in de mijnbouw van mineralen en in de chemische industrie.

 

 

De inzameling van “spoelwater olie” en de terugkeer in de voedselketen
In steden een bekend tafereel: een boer die een kleine vrachtwagen vol met spoelwater bestuurd, zijn weg langzaam door de straten vervolgend terwijl hij een spoor van druppelend spoelwater achterlaat met een daarbij behorende ranzige geur. De herkomst van de lading zijn de afvalwatercontainers in restaurants en voedselrestanten. Naast bakolie bevat het allerlei ingrediënten zoals bijvoorbeeld de restanten van afwasmiddelen.

Wat later op de avond kunnen deze “spoelwater vrachtauto’s” gezien worden bij hotels en restaurants voor de inzameling van de vloeistoffen. Het spoelwater wordt dan naar plaatsen aan de rand van de stad vervoerd voor verdere verwerking met als resultaat een olie-extract. Dit extract wordt vervolgens aan klanten verkocht die het gebruiken om bakolie van de maken, dat vervolgens weer in de voedselketen terechtkomt. Er wordt gezegd dat er duizenden installaties op boerderijen rondom Peking zijn waar dit soort verwerking plaatsvindt.

 

Op veel plaatsen in de stad worden de olie-extracten gebruikt om er weer bakolie van te maken. Sommige van deze bedrijven bestaan al sinds enkele generaties. Volgens een eigenaar van zo’n bedrijf gaan met name de laatste 10 jaar de verkopen erg goed. De productie van een vat gerecyclede olie, gebaseerd op olie-extracten, duurt 3 dagen. De verkoopprijs van een ton olie is ongeveer 5.000 RMB, met een winst van zo’n 1000 RMB per ton voor de producent.

Sommige producenten proberen de herkomst van de “spoelwater olie” te verbergen door het te vermengen met een derde deel slaolie en een derde deel palmolie. Het eindproduct wordt dan vervolgens verkocht als authentieke en zuivere bakolie.

 

In China komt naar schatting rond de 2 tot 3 miljoen ton afval-bakolie terug op de eettafel. De totale consumptie van bakolie verkregen uit plantaardige en dierlijke vetten is rond de 22,5 miljoen per jaar. Met andere woorden, 1 op de 10 maaltijden wordt bereid met bakolie die gerecycled uit afval.

 

 

 

 

 

 

Peking, De DJ-studio van meneer Yang Bo

 

 

Meneer Yang Bo werkte vroeger als DJ en mixte CD’s als geluidstechnicus. Drie jaar geleden begon hij de AC/DC DJ-studio, waar hij zijn studenten opleidt voor DJ. Andere activiteiten van de studio zijn de verkoop van DJ-installaties, het organiseren van DJ’s voor feesten en disco’s, en het mixen en bewerken van geluid. Zijn studenten zijn tussen de 16 en 28 jaar oud. Het merendeel droomt van een carriëre als DJ; sommigen volgen de training alleen voor het plezier. Meer informatie (in het Chinees): http://blog.sina.com.cn/acdcdj

 

 

 

 

 

 

 

 

Switch to our mobile site